kwetsbare wijk naar nieuwe generatie stadswijk

Stadszaken - Gebiedsgericht werken

In zes stappen werken aan een gebiedsgerichte aanpak

Link: https://stadszaken.nl/artikel/3263/in-zes-stappen-werken-aan-een-gebiedsgerichte-aanpak

De gebiedsgerichte aanpak is terug van weggeweest. Steeds meer gemeenten werken gebieds- of opgavegericht. Actuele opgaven rond verduurzaming, verstedelijking, vergrijzing en ondermijning komen samen in wijken. Sectoraal beleid is dus niet langer alleen toereikend om een bepaalde mate van leefbaarheid in kwetsbare gebieden te garanderen. Platform31 formuleert zes tips voor een succesvolle gebiedsgerichte aanpak.

Gemeenten en het Rijk richten hun pijlen weer op het verbeteren van de leefbaarheidssituatie in kwetsbare wijken. Al langer zetten gemeenten hun organisatiekracht in op specifieke gebieden. Recent investeert ook het Rijk 450 miljoen in 16 stedelijke vernieuwingsgebieden. Daarmee lijkt de gebiedsgerichte aanpak terug van weggeweest.

Vanaf het eind van de 20e eeuw investeerden overheden en woningcorporaties bijna twee miljard euro in stedelijke vernieuwing, maar onder druk van de economische crisis en een andere politieke wind werd het beleid voor kwetsbare wijken in 2012 afgebouwd. Voortaan zouden wijkaanpakken decentraal worden geregeld. Nu, acht jaar later, kan geconstateerd worden dat het terugtreden van de overheid de leefbaarheid in kwetsbare gebieden niet ten goede is gekomen. De destijds woedende crisis heeft extra hard huisgehouden in meerdere ‘krachtwijken’ die ‘prachtwijken’ moesten worden.

Governancevraagstuk

De wedergeboorte van de gebiedsgerichte aanpak is een reactie op decentralisatie, de groeiende ongelijkheid tussen ‘goede’ en ‘slechte’ wijken en de opkomst van nieuwe beleidsopgaven als de energietransitieklimaatadaptatie en ondermijnende criminaliteit, die landen op wijkniveau.

Daarin onderscheidt de moderne wijkaanpak zich van de grootschalige aanpakken van weleer. In het verleden lag de nadruk vooral op fysiek ingrijpen, bijvoorbeeld met herstructurering van het woningbestand of verbetering van de kwaliteit van de openbare ruimte. Anno 2020 is er veel meer aandacht voor het sociale aspect

Het bredere perspectief maakt de gebiedsgerichte aanpak bij uitstek een governancevraagstuk. Bij het verbinden van fysieke en sociale opgaven hebben gemeenten, de corporaties, het onderwijs, de politie, maatschappelijk werk en zorginstellingen allemaal een rol. Nu sluit het Rijk aan. Het brede palet aan partijen dwingt gemeenten tot het verkennen van nieuwe werkwijzen. Beleidsontwikkeling en financiering moeten integraal worden benaderd, met een breed palet aan maatschappelijke partners. Recent toont ook het Rijk haar interesse als samenwerkingspartner op gebiedsgerichte aanpak van kwetsbare wijken.

Vier gemeenten, vier aanpakken

Maar, hoe doe je dat dan precies? In de publicatie ‘Werken aan opgaven in de wijk’ analyseert Platform31 de gemeentelijke organisatiemodellen van de gemeenten Assen (Mijn Buurt Assen), Enschede (Stedelijke Investeringsafweging en Dynamische Investeringsagenda), Groningen (Wijkvernieuwing 3.0) en Rotterdam (Nationaal Programma Rotterdam Zuid). Hoe de gemeenten aan ‘hun’ wijken werken, verschilt sterk. Elke organisatievorm heeft eigen sterke en zwakke kenmerken. Zie onderstaande tabel voor een volledig overzicht van de verschillende aanpakken en hun kenmerken

Mirjam Fokkema, projectleider bij Platform31 en één van de auteurs van het onderzoek: ‘Het Nationaal Programma Rotterdam Zuid is heel strak georganiseerd, met een brede coalitie van partners. Maar dat wil niet zeggen dat elke gemeente het zo moet doen. In Assen is de organisatiestructuur bijvoorbeeld een stuk informeler, maar doordat alle betrokken bestuurders zich wel bewust zijn van de urgentie van de opgaven, worden resultaten bereikt.’

Bron: Platform31

Platform31 concludeert dat voor een gebiedsgericht organisatiemodel geen blauwdruk bestaat. De organisatie-, beleids- en bestuurscultuur van de onderzochte gemeenten werkt door in de invulling van de gebiedsgerichte werkwijze. Ook politiek-ideologische motieven spelen een rol in de inkleuring van een gebiedsgericht organisatiemodel.

Bovenal is gebiedsgericht werken mensenwerk. Instituties, regels en organisatieverbanden zijn slechts een hulpmiddel; het gaat om de mensen die het invullen en uitvoeren. In de beginfase vraagt dit om slagvaardige ambtenaren die ‘buiten de lijntjes’ durven te kleuren. Gemeenten moeten deze medewerkers handelings- en experimenteerruimte geven om een succesvolle gebiedsgerichte werkwijze tot stand te brengen.

Wat nodig is voor welke wijk, verschilt sterk. De gebiedsgerichte aanpak is maatwerk. Met die gedachte in het achterhoofd, formuleert Platform31 een zestal ‘lessen en bouwstenen’ voor andere gemeenten die gebiedsgericht aan de slag willen, waarbij ruimte is voor lokale nuances.

  1. Een gebiedsgerichte werkwijze start met een breed gedragen gevoel van urgentie. Wat die urgentie is, verschilt sterk per wijk,’ zegt Fokkema. ‘Soms kan een incident, zoals de dreigende sluiting van een wijkgebouw, aanleiding zijn tot actie. Dit gebeurde in de Enschedese wijk Twekkelerveld. In een ander geval kan het een bredere trend zijn, zoals de achteruitgang van de leefbaarheid.’
     
  2. Gebiedsgericht maatwerk betekent keuzes maken: niet elke wijk krijgt hetzelfde beleid. Een datagedreven afwegingskader helpt daarbij.
     
  3. Klein beginnen is een sleutel tot succes. ‘Probeer niet om tien opgaven in één keer op te lossen,’ benadrukt onderzoeker Fokkema. ‘Begin er met één of twee, en breidt vanaf daar uit.’ Een aanpak op het ene beleidsterrein kan ook een impuls geven aan andere beleidsterreinen. Zo begon de wijkaanpak in Groningen met een nadruk op verduurzaming. Later werd die opgave gekoppeld aan sociale doelen. In Rotterdam Zuid begon de aanpak met een focus op werken en leren, die later werd uitgebouwd naar wonen en veiligheid.
     
  4. Een gebiedsgerichte werkwijze gedijt bij een overzichtelijk en slagvaardig kernteam met veel eigen verantwoordelijkheid. Liever een slagvaardige en wendbare overheidsorganisatie dan logge bureaucratische machines. Het aantal betrokken partijen kan uitbreiden zodra de basis is gelegd.
     
  5. Het verbeteren van de leefbaarheid in wijken kost meer tijd dan één bestuurstermijn. Voor continuïteit qua beleid en partnersamenwerking is bestuurlijk lef nodig. Fokkema noemt Groningen als goed voorbeeld van hoe je lange een adem garandeert. ‘Het vorige college legde de basis door vier prioriteitswijken aan te wijzen. Het nieuwe college kon in 2019 meteen uit de startblokken met een uitvoeringsprogramma. In 2020 schoof ook het Rijk aan bij de wijkvernieuwing in de wijk Selwerd.’
     
  6. Vind balans in de samenwerking: integraal werken vereist afstemming, maar iedereen overal bij betrekken leidt tot vertraging. Fokkema: ‘De kunst is dat je van elkaar weet wat er speelt in een wijkaanpak en daarbij de juiste dwarsverbanden legt.’

 

 

 

 

MEER AANDACHT VOOR MISDAAD BIJ WIJKAANPAK!!!

Gebrek aan aandacht voor misdaad in wijkaanpak

Georganiseerde criminaliteit belemmert de aanpak van aandachtswijken. In deze gebieden kan de criminele wijkeconomie bloeien en blijven misdaadplegers onder de radar, ondanks intensieve gemeentelijke inspanningen om de wijk leefbaar te maken en kansen te bieden aan probleemjongeren. In sommige wijken worden jaarlijks honderden miljoenen euro’s crimineel geld omgezet.

Voedingsbodem voor criminele activiteiten

Dat blijkt uit het onderzoek Wijkenaanpak en Ondermijnende Criminaliteit van Tilburg University en de Politieacademie in opdracht van de ministeries van Binnenlandse Zaken en Veiligheid en Justitie. In vier – anoniem gemaakte – steden (twee in de Randstad, twee grenssteden) keken de onderzoekers of voor een succesvolle wijkenaanpak meer aandacht nodig is voor georganiseerde misdaad dan tot nu toe het geval is geweest. Het antwoord daarop is: ja. “Door opeenstapeling van problemen in kwetsbare wijken is er een voedingsbodem voor criminele activiteiten. Aanpak daarvan vergt een gebiedsgerichte benadering, waar criminaliteitsbestrijding integraal onderdeel van uitmaakt”, aldus de conclusie.

 

'Schoon, heel en veilig' is niet genoeg 

Anders gezegd: het beleid van ‘schoon, heel en veilig’ en projecten om probleemjongeren een betere kans op onderwijs en werk te bieden is niet genoeg. Sterker nog, criminele groepen blijken goed te gedijen in aandachtswijken; als de grootste sociale problemen zijn opgelost, verschuift de aandacht van gemeente, politie en corporaties naar andere plekken.

 

Criminaliteit breed vertakt in de wijk

Aanleiding voor het onderzoek was een signaal in het rapport van de Visitatiecommissie Wijkaanpak (onder leiding van Wim Deetman) in 2010, over de onverklaarbare terugval in sommige straten of wijken die onder de wijkaanpak vallen. In dat rapport wordt het vermoeden uitgesproken “dat er sprake zou kunnen zijn van criminele elementen, die greep op de wijk hebben en daarmee ‘normale’ vooruitgang belemmeren”. Het onderzoek bevestigt nu dat georganiseerde criminaliteit is vertakt en verbonden met het alledaagse leven in de onderzochte wijken. Het gaat dan om bijvoorbeeld drugshandel, heling, prostitutie, illegale arbeid, maar ook georganiseerde uitkeringsfraude.

 

Honderden miljoenen in criminele wijkeconomie

Het probleem is op gemeenteniveau lange tijd onderschat, volgens de onderzoekers. Ten onrechte: “Georganiseerde misdaad is een groot en reëel maatschappelijk probleem in kwetsbare wijken. Er wordt zeer veel crimineel geld omgezet: honderden miljoenen op jaarbasis, waarschijnlijk meer. In sommige wijken of buurten is waarschijnlijk meer crimineel geld dan legaal geld aanwezig. In financiële termen leidt dat tot een omkering van machtsverhoudingen: criminelen beschikken over meer budget dan de organisaties van het veiligheidsnetwerk die geacht worden tegen hen op te treden.” Over wie de misdaden pleegt, schetst het onderzoek een heterogeen beeld. “Jonge Marokkanen zijn erg zichtbaar aan de onderkant van georganiseerde misdaad (ook territoriaal geweld) en ook in hogere segmenten met zwaar geweldsprofiel. De minder zichtbare maar wel zeer reële en omvangrijke criminaliteit vinden we vooral onder autochtonen of Turken.”

 

Gebiedsgerichte aanpak niet effectief tegen misdaad

Ondermijnende misdaad vergt een andere aanpak, staat in het rapport. Bestaande persoon- of gebiedsgerichte aanpakken krijgen geen greep op criminele circuits. Veel inspanningen zijn gericht op klassieke problematische jeugdgroepen; daar ontbreekt aandacht en expertise ten aanzien van jeugdgroepen die doorgroeien naar de georganiseerde misdaad. Omgekeerd kan criminaliteitsbestrijding niet duurzaam succesvol zijn, zonder tegelijkertijd sociale, economische en maatschappelijke perspectieven te ontwikkelen. Wijkenaanpak en de aanpak van ondermijnende criminaliteit zijn twee kanten van dezelfde medaille, luidt dan ook de conclusie van het onderzoek. Hoewel beide thema’s de laatste decennia veel aandacht kregen, stonden ze tot nu toe bij de overheid en in het officiële beleid niet dicht bij elkaar. De opbouw van de Regionale Informatie en Expertise Centra (RIEC’s) biedt vandaag de dag wel meer kansen dan in het verleden. En politie en justitie  zijn in samenwerking met gemeenten bezig om de aanpak van ondermijnende criminaliteit te concretiseren, aldus de onderzoekers. 

 

Samenhang ontbreekt al halve eeuw

Dat wijkenaanpak en criminaliteitsbestrijding niet eerder in samenhang zijn opgepakt, is volgens de onderzoekers wel te verklaren. Het beleid om probleemwijken aan te pakken – dat al sinds de jaren vijftig bestaat – gaat uit van de gedachte dat achterstand wordt veroorzaakt door de omstandigheden waarin mensen leven, en met name door een gebrek aan kansen op sociale stijging. Het idee bestond dat de aanpak van georganiseerde criminaliteit in de eerste plaats een verantwoordelijkheid van politie en Openbaar Ministerie was. Bovendien zou de voedingsbodem ervoor verdwijnen met de gestage uitbouw van het wijkenbeleid. Dat blijkt in de onderzochte steden dus niet overal op te gaan.

Hallo!
Probeer uw eigen website te maken, net als ik! Het is makkelijk en u kunt het gratis proberen
ADVERTENTIE